Natte gerst of gerstenat?

Bierfles gevuld met gerstekorrels. Auteur: Erik Christensen. GFDL.
Bierfles gevuld met gerstekorrels, de belangrijkste grondstof van bier. Auteur: Erik Christensen. GFDL.

Natte gerst en gerstenat zijn twee verschillende dingen, maar het ene kan niet zonder het andere. Als je de bierreclames mag geloven is een koel glas gerstenat de beste manier om de dorst te lessen. Maar de gerst zelf mag ook niet droog staan. En dat wordt de laatste jaren een steeds groter probleem: overal ter wereld neemt de verzilting, het zouter worden, van landbouwgronden toe. Als de zoutconcentratie in het bodemwater hoger is dan in de plantenwortels, wordt het lastig voor de plant om water op te nemen. Dit verschijnsel, waarbij de plant dus eigenlijk dorst lijdt, noem je osmotische stress.

Onderzoeker Nguyen Viet Long onderzocht van bijna 200 verschillende types gerst of ze konden groeien op zoute grond en hij analyseerde het genoom van deze planten. Enkele planten bleken weinig last te hebben van het zout en hij ontdekte dat de genen die daarvoor zorgen op chromosoom 6 liggen. De onderzoeker verwacht dat plantenveredelaars met deze nieuwe kennis binnen vijf jaar gerstrassen hebben ontwikkeld die geen dorst meer hoeven te hebben op verzilte bodems.

 

 

 

 

 

 

Een beetje vreemd…

Olifantsgras (Miscanthus giganteus). Bron: Wikimedia Commons, CC-licentie.
Olifantsgras: Coca-Cola kan het gebruiken. En Schiphol ook. Hoe zit dat?!

Naast de teelt van de normale aardappelen en bloemkool, wordt steeds meer geëxperimenteerd met bijzondere gewassen. Wat dacht je bijvoorbeeld van een zeeboerderij? Van het eiwitrijke zeewier dat hier groeit maken ze een Dutch Weedburger, binnenkort te koop in de snackbar. Of eendenkroos als veevoer?

Aparte toepassingen van planten zijn de laatste tijd populair. Hierbij wordt geprobeerd om zoveel mogelijk onderdelen van de plant te gebruiken. Zo blijkt het mogelijk om stengels van tomatenplanten, die normaal na de tomatenoogst weggegooid worden, te gebruiken voor de productie van karton. En Coca-Cola werkt samen met een Nederlands bedrijf aan duurzame plastic flessen, gemaakt uit de stengels van suikerriet en andere gewassen.

Ook stengels van olifantsgras zijn geschikt voor de productie van dit bioplastic, maar de plant heeft nog meer toepassingen. Om de teelt van olifantsgras verder te onderzoeken wordt naast Schiphol een proefveld aangelegd. Er is speciaal gekozen voor deze plek. Olifantsgras staat namelijk niet op het menu van de ganzen, die voor veel overlast bij de luchthaven zorgen. De verwachting is dat er veel minder botsingen tussen ganzen en vliegtuigen zullen zijn, als er voor de ganzen geen eten rond Schiphol te vinden is.

 

Van je moeder moet je het maar hebben

Pyrethrum soort, Tanacetum cinerariifolium. Foto: Kenpei, Bron: Wikimedia,GFDL.
De bloem, die haar kinderen goed voorzien de wereld instuurt. Pyrethrum soort, Tanacetum cinerariifolium. Foto: Kenpei, Bron: Wikimedia,GFDL.

Stel je voor: bij je geboorte krijg je van je moeder een voorraadje insecticiden mee. En ook een middeltje om de groei van de buurkinderen te remmen, zodat je zelf de grootste kan worden. Voor zaden van de plant Pyrethrum, een soort margriet, is dit niet meer dan normaal. De moederplant voorziet haar nakomelingen, de zaden dus, van de nodige hulpstoffen om de eerste periode als kiemplantje veilig door te komen.

Deze recente ontdekking komt niet helemaal onverwacht. Fijngemalen bloemen van Pyrethrum werden twee eeuwen geleden al door mensen gebruikt als anti-insectenpoeder. De werkzame stoffen, pyrethrinen genoemd, zitten in de zaadhuiden en tasten het zenuwstelsel van insecten aan. Tegenwoordig worden pyrethrinen ingezet als natuurlijk insecticide in de landbouw.

 

 

Rupsenvraat houdt bladeren langer groen

Herfstkleuren. Foto:D. Willemen
Volop herfstkleuren. Deze boom heeft waarschijnlijk weinig last van rupsen gehad. Foto: Doriet Willemen

Sommige boomsoorten zijn al helemaal kaal. Anderen staan nog in het blad, waarbij de kleur van de bladeren varieert van groen tot geel en van bruin tot felrood. Uit onderzoek blijkt dat het moment van bladverkleuring en van bladval vooral afhangt van de temperatuur in de maand september. Hoe hoger de temperatuur in september, hoe later de bladeren verkleuren. Maar ook andere factoren spelen mee, zoals plotselinge nachtvorst en de lichtintensiteit. Zelfs rupsen blijken invloed te hebben op de bladkleuring.

In de V.S. is onlangs ontdekt dat rupsenvraat een rol speelt bij het tijdstip van bladverkleuring. Onderzoekers vonden dat veel rupsenvraat in het voorjaar zorgt voor vertraging van de bladverkleuring in het najaar. De bladeren blijven dus langer groen. Het moment van bladval verandert niet bij deze aangevreten bladeren. Dit betekent dat de bladeren groener zijn als ze van de boom vallen en dat er dus weinig herfstkleuren te zien zijn.

Conclusie: Rupsenvraat houdt bladeren langer groen (voor zover de rupsen nog blad over hebben gelaten aan de boom).

 

Muzikale paddenstoel

Esdoornhoutknotszwam ( Xylaria longipes). Foto: Dinant Wanningen. Bron en copyright: Allesoverpaddenstoelen
De muzikale esdoornhoutknotszwam Foto: Dinant Wanningen. Bron en copyright: www.allesoverpaddenstoelen.nl

De pepernoten liggen weer in de winkel en de loofbomen krijgen langzaam maar zeker hun herfstkleuren. En, hoewel paddenstoelen het hele jaar door te vinden zijn, is de herfst toch hét seizoen van deze schimmels. Ze schieten momenteel als paddenstoelen uit de grond.

Ook op dood hout zijn zwammen te vinden. Deze saprofyten zijn gespecialiseerd in het afbreken van houtweefsel. Een Zwitserse professor ontdekte dat als hij hout enige tijd aan de esdoornhoutknotszwam blootstelde, het zeer geschikt werd om een viool van te bouwen. Kenners konden het verschil tussen een Stradivarius en een viool gemaakt van ‘schimmelhout’ niet horen. Lees meer en nog meer over deze muzikale paddenstoel.

De esdoornhoutknotszwam komt vrij algemeen in ons land voor op takken van esdoorn, plataan en es. Ga je in de herfstvakantie op zoek naar deze zwam? Let dan even op welke paddenstoelen je nog meer tegenkomt. Soms vindt iemand een zeldzaam exemplaar.

 

Werken en feesten vormt schoone geesten

Johanna Westerdijk in 1916 in haar laboratorium. Auteur: Fotograaf Haagsch Persbureau. Herkomst en copyright: Utrechts Archief.
1916: Johanna Westerdijk aan het werk in haar laboratorium. Niet lang daarna wordt ze benoemd tot de eerste vrouwelijke hoogleraar in Nederland. Auteur: Fotograaf Haagsch Persbureau. Herkomst en copyright: Utrechts Archief.

Nog niet zo heel lang geleden was de wetenschappelijke wereld een echt mannenbolwerk. Meisjes die gingen studeren waren een uitzondering, laat staan dat er vrouwelijke professoren bestonden. Tegenwoordig volgen ongeveer evenveel meisjes als jongens een studie, maar het aandeel vrouwelijke hoogleraren volgt deze trend (nog) niet en ligt nu op gemiddeld 20%.

In 1917 werd in Nederland de eerste vrouwelijke hoogleraar benoemd, de plantenziektekundige Johanna Westerdijk. Haar functie als hoogleraar fythopathologie aan de Universtiteit Utrecht combineerde ze met haar werk als directrice van een laboratorium. Hier deed ze onderzoek aan de iepziekte, die in het Engels nog steeds de Dutch elm disease genoemd wordt. Verder legde ze de grootste schimmelcollectie ter wereld aan. Later gaf ze ook colleges en begeleidde ze studenten aan de Universiteit van Amsterdam.

Boven de voordeur van haar laboratorium stonden de woorden “Werken en feesten vormt schoone geesten”, want naast hard werken en onderzoek doen, hield Johanna Westerdijk (1883-1961) ook van gezelligheid en een feestje op zijn tijd. En dan het liefst met muziek en een drankje erbij.

 

 

Roestige planten

Blad van Populus, aangetast door de roestschimmel Melampsora larici-populina. Bron: Wikimedia, GFDL.
Bladeren van populier met roest. Populus, aangetast door de roestschimmel Melampsora larici-populina. Bron: Wikimedia, GFDL.

Vergeet even wat je scheikundeleraar je allemaal probeert wijs te maken over roest. Niet alleen ijzer en ijzerhoudende metalen kunnen roesten. Ook planten hebben last van roest. Bladeren en stengels vertonen dan gele tot roodbruine verkleuringen. Op het moment kun je her en der populieren met gele, geroeste bladeren spotten, alsof de herfst zijn intrede al heeft gedaan. Maar niets is minder waar. De werkelijke oorzaak? Roest!

Roest wordt veroorzaakt door plantenschimmels. Er bestaan heel veel verschillende roestschimmels, alleen al in Nederland enkele honderden. Hoopjes gekleurde schimmelsporen veroorzaken het geroeste aanzien van de plant. Tijdens zijn levenscyclus kan een roestschimmel van waardplant wisselen. De ene helft van zijn levenscyclus op de ene plant, de andere helft op een andere, zoals de Jeneverbes-Perenroest.

Roesten komen voor op wilde planten en bomen, maar tasten ook land- en tuinbouwgewassen aan. Tarwe kent gele, bruine en zwarte roest. Met name die laatste is een beruchte plantenziekte. In Uganda werd in 1999 een agressieve variant van de zwarte roest (Ug99) ontdekt, die zich nu razendsnel verspreidt.
Lees meer over Ug99 in Zwarte roest op je boterham

 

Graan is broodnodig

Brood en granen. Foto: ARS-USDA. Bron: Wikimedia. Public Domain.
Graan is broodnodig

De graanprijs is de laatste tijd omhoog geschoten. De Nederlandse bakkers gaan waarschijnlijk de prijs van hun brood met 15 of 20 cent verhogen. Ook koekjes en gebak worden binnenkort duurder. Voor de gemiddelde Nederlander geen heel schokkend nieuws. Anders ligt dat in Afrikaanse landen. Daar gaat een groot deel van het inkomen op aan eten en vormen graan, mais en sojabonen het belangrijkste voedsel.

Waarom zijn de voedselprijzen nu zo gestegen? De belangrijkste oorzaak is het weer. Het is dit jaar extreem droog en heet geweest in gebieden waar veel graan verbouwd wordt. In Oekraïne, de graanschuur van Europa, valt de oogst 20% lager uit en in Kazachstan zelfs 50%. In de V.S. kampen de graanboeren met de ergste droogte sinds 1956. Ook de mais- en de sojabonenoogst lijden hieronder.

Andere oorzaak is het speculeren met voedselprijzen op de beurs. Hierdoor vormen de normale prijsschommelingen vaker grote uitschieters. Verder speelt mee dat een steeds groter deel van de oogst opgaat aan biobrandstof en aan veevoer voor de productie van vlees. Bovendien zijn er simpelweg meer monden om te voeden, aangezien de wereldbevolking jaarlijks groeit met 80 miljoen mensen.

 

 

Crazy roots en knobbels

Callusgroei na transformatie door Agrobacterium tumefaciens. Wikimedia commons, GFDL.
Callusgroei bij bladstukjes, na transformatie met A. tumefaciens.

Crazy roots, ook wel hairy roots genoemd, vormt de laatste jaren een steeds groter probleem in de tomaten- en komkommerteelt. De wortels van de planten gaan als een gek groeien, waardoor de steenwolmat of de pot in een mum van tijd volgegroeid is met wortels. De ongecontroleerde wortelgroei wordt aangestuurd door een stukje DNA, afkomstig van de bacterie Agrobacterium rhizogenes. Het bacterie DNA wordt ingebouwd in het planten DNA in de kern van de plantencel. De bacterie maakt dus eigenlijk een transgene plant.

Een broertje van deze bacterie, Agrobacterium tumefaciens, veroorzaakt een tumor op plantenwortels en -stengels. Ook deze bacterie kan een stukje van zijn eigen DNA inbouwen in het planten DNA, maar in dit geval zet het transgene DNA de plant aan tot de vorming van woekerweefsel. Zo ontstaan knobbels op de plant, die zo groot als een voetbal kunnen worden.

Onderzoekers van de Universiteit van Gent ontdekten in de jaren 70 hoe de overdracht van het stukje bacterie DNA in zijn werk gaat. Namelijk door middel van een plasmide, een cirkelvormig DNA molecuul in de bacterie. In de tachtiger jaren werd dit principe door hen gebruikt om de eerste transgene planten te maken. Deze techniek wordt nu nog steeds toegepast.

 

 

Spanning rond het voetbalveld

Kop van een engerling van de meikever. Foto: J.K. Lockener. Bron: Wikimedia. GFDL.
Engerlingen ondermijnen de grasmat

Niet alleen op het veld bij het EK Voetbal is het spannend, maar ook onder de grasmat gebeurt er van alles. Voetbalvelden worden namelijk regelmatig geteisterd door witte, rupsachtige verschijningen. Deze engerlingen zijn de larven van de meikever en leven ondergronds waar ze zich voeden met plantenwortels en zo de mooie groene grasmat ondermijnen .
Niet alleen voetbalvelden en weilanden, maar ook boomkwekerijen hebben last van engerlingen. De beestjes zijn behoorlijk lastig aan te pakken omdat ze wel een meter diep in de grond kunnen zitten. Er loopt onderzoek om te kijken of biologische bestrijding van de engerlingen mogelijk is. Dit zou bijvoorbeeld kunnen door de inzet van aaltjes.

Aaltjes, ook wel nematoden genoemd, zijn microscopisch kleine wormpjes. Ze dringen de engerlingen binnen en infecteren hen met een dodelijke bacterie. Vervolgens voeden en vermeerderen de bacteriën zich in de dode engerling: 1-0 voor het aaltjesteam. Helaas levert deze opstelling in de praktijk nog niet het gewenste resultaat.

Lees meer over meikevers en engerlingen>>

 

Essenziekte bedreigt Nederland

Zieke essen met kale, afgestorven takken door Chalaria fraxinea. Bron: Wikipedia, CC-licentie.In 2010 werd essentaksterfte voor het eerst in ons land ontdekt en sindsdien heeft de ziekte zich razendsnel uitgebreid. In Groningen, Friesland en de Flevopolder richt deze boomziekte al enorme schade aan. Bladeren, takken en zelfs de stam van de boom verkleuren bruin en sterven af. Niet alleen zien de kale bomen er troosteloos uit, ze vormen ook een gevaar voor wandelaars en passerend verkeer. De dode takken kunnen namelijk gemakkelijk afbreken.

De ziekte wordt veroorzaakt door de agressieve schimmel Chalara fraxinea, die 20 jaar geleden voor het eerst opdook in Polen. Vanuit daar heeft de schimmel zich verspreid over grote delen van Europa.

Er is op het moment geen snelle manier om de ziekte aan te pakken. De aanplant van meer gevarieerde bossen, dus verschillende boomsoorten door elkaar, kan op de langere termijn wel helpen om de verspreiding van de ziekte te bemoeilijken. Ook wordt gezocht naar minder gevoelige essen.

Bekijk het filmpje op de site van Staatsbosbeheer.

 

 

Examenstress

Geslaagd voor het examen! Bron: Wikimedia Commons. Public Domain.De eindexamens zijn weer bezig. Een spannende tijd, evenals het wachten op de uitslag. Ook planten in de land- en tuinbouw moeten heel wat toetsen ondergaan. Er vinden regelmatig keuringen plaats om te zien of ze ziektevrij zijn, waarbij de eisen soms aangescherpt worden. Als de planten de test goed doorstaan, krijgen ze een certificaat, een soort diploma. Dat is onder andere van belang als het plantmateriaal bedoeld is voor de im- of export.

Veredelaars houden er van om plantjes al in een zo vroeg mogelijk stadium te testen. Het liefst als het nog zaailingen zijn. Ze zijn dan op zoek naar een plantje met goede eigenschappen, dat bestand is tegen bijvoorbeeld droogte ( ¤ geschikt / ¤ ongeschikt).

Zelfs na de oogst worden planten en vruchten nog onderworpen aan allerlei toetsen. De NVWA controleert of er geen residuen van gewasbeschermingsmiddelen aanwezig zijn op ons voedsel. Het blijkt dat Nederlandse producten prima scoren op dat gebied.

Eikenprocessierups te lijf!!

Het tweestippelig lieveheersbeestje ( Adalia bipunctata). Auteur:Entomart, Bron:Wikimedia Commons. GFLD.
Tweestippelig lieveheersbeestje inzetbaar in strijd tegen eikenprocessierups

De strijd tegen de eikenprocessierups is weer begonnen. De eerste rupsjes zijn op 5 april in het zuiden van Limburg uit het ei gekropen. De rest van het land is de afgelopen weken gevolgd. Deze jonge rupsjes zijn nog brandhaarvrij. Ze moeten eerst een paar keer vervellen voordat ze voorzien worden van de irriterende brandharen. De verwachting is dat vanaf 15 mei de overlast begint.

Voor veel gemeenten is dit het moment om de beestjes te lijf te gaan. De kleine rupsjes zijn nu gevoelig voor bespuiting met een biologisch middel, bestaande uit microscopisch kleine wormpjes. Deze nematoden dringen de rups binnen en laten daar een bacterie vrij die het karwei afmaakt. De bestrijding moet bij voorkeur ’s nachts gebeuren omdat de nematoden gevoelig zijn voor zonlicht.

Beter zou het zijn als er van nature een biologisch evenwicht zou ontstaan in de eiken in ons land. Hiervoor zijn geschikte natuurlijke vijanden van de eikenprocessierups nodig. Onlangs is het onschuldig ogende tweestippelig lieveheersbeestje ontdekt als mogelijke kandidaat. Bekijk hier een filmpje waarin een larve van deze lieveheersbeestjessoort een rups verorbert, met huid en haar!
Bekijk meer natuurlijke vijanden>>

Bijzondere weetjes

Bij op paardenbloem, overdekt met stuifmeel. Auteur: Guerin Nicholas. Bron: Wikimedia Commons, GFDL.
Bij, overdekt met stuifmeel.

Wist je dat..

  • … bijen de hele winter niet poepen? Ze houden het op totdat ze in het voorjaar de eerste vlucht buiten de korf kunnen maken.
  • .. iedere bij een eigen persoonlijkheid heeft? Net als in Bee Movie.
  • … bijen en hommels onmisbaar zijn voor de bestuiving van voedselgewassen? Zonder bijen geen aardbeien!
  • … studenten van Hogeschool Fontys chips uitdelen aan bijen?
  • … 2012 het jaar van de bij is?
  • … bijen soms op mysterieuze wijze verdwijnen?

Monden dicht!

Huidmondje van bonenblad met kiemende roestsporen. Auteur: H.F.Schwartz, Colorado State University. Bron: Wikipedia. Copyright CC.
Een huidmondje wordt belaagd door schimmeldraden.

Wat is in een stresssituatie de overeenkomst tussen een leraar en een plant ? Het antwoord luidt dat bij beiden stress leidt tot de opdracht “Monden dicht!”. In het geval van de leraar zal deze oproep bedoeld zijn voor de monden van anderen (meestal leerlingen), terwijl een plant zijn eigen (huid)mondjes zal sluiten.

Het aantal en de werking van huidmondjes zijn van groot belang voor het beschermen van planten tegen ziekten en stress. Ziekteverwekkers, zoals bepaalde schimmels, dringen de plant binnen door de huidmondjes. En bij watertekort (droogtestress) reageert een plant met het sluiten van haar huidmondjes. Het plantenhormoon brassinosteroide bepaalt of een plant veel of weinig huidmondjes ontwikkelt. Gentse wetenschappers hebben nu ontdekt hoe dat in zijn werk gaat.
Lees meer>>

Ziekzoeker

De ziekzoekrobot in actie op een testveld met tulpen. Foto en copyright: WUR-PPO.
Ik zie, ik zie wat jij niet ziet en het is ziek!

Jan Smit heeft zijn eigen tulp gekregen en de Keukenhof trekt de komende maanden weer bussen vol toeristen. Kortom, het is weer tulpentijd! Dat betekent dat ook de ziekzoekers weer aan de slag moeten. Want hoewel ‘ziekzoeker’ in de meeste beroepskeuzetesten niet voorkomt, is dit toch echt een bestaand beroep.

Een ziekzoeker loopt door een bloeiend tulpenveld op zoek naar afwijkende, viruszieke tulpen. De zieke exemplaren verwijdert hij handmatig zodat het virus zich niet verder over het veld verspreidt. Een tijdrovende bezigheid, waarvoor jarenlange ervaring vereist is. Daarom wordt er een robot ontwikkeld die het werk kan overnemen.

Op de foto zie je zo’n ziekzoekrobot. Onder het witte zeil, bedoeld om zonlicht buiten te houden, zoeken geavanceerde camera’s naar zieke bladeren met een afwijkende lichtweerkaatsing. De herkenning van de zieke planten verloopt goed, maar aan de eliminatie van de gespotte exemplaren door de robot wordt nog gewerkt.

Meer info:

Cisgenese veilig

Appelschurft (Venturia inaequalis). Foto en copyright: PPO-FruitHet Europese instituut voor voedselveiligheid (EFSA) is na jaren van onderzoek tot de conclusie gekomen dat cisgenese niet valt onder genetische modificatie. En dat cisgenese veilig is voor mens en milieu. Leuk en aardig, maar wat ìs cisgenese? Cisgenese en transgenese zijn eigenlijk dezelfde technieken. In beide gevallen wordt gericht een gewenst gen, bijvoorbeeld een gen tegen een bepaalde plantenziekte, in een plant ingebouwd. Bij transgenese kan dit gen afkomstig zijn van elk willekeurig ander organisme, dus een andere plantensoort maar ook een bacterie. Bij cisgenese is het nieuwe gen altijd afkomstig van dezelfde plantensoort. Een cisgenese-plant zou dus ook via klassieke veredelingsmethoden, zoals kruisen, kunnen ontstaan. Alleen gaat cisgenese vele malen sneller en veel gerichter. Plantenveredelaars verwachten door de uitspraak een grote stap vooruit te kunnen maken.

 

Bloemen van de Valentijn Helpdesk

Rode roos. Foto: USDA, ARS. Public Domain. Een enkele roos, lekker geurende hyacinten, een bosje voorjaarstulpen of een groot veldboeket. Bijna iedereen vindt het leuk om bloemen te krijgen. En Valentijnsdag is zo’n dag waarop door sommige mensen (lees: vrouwen) vol spanning wordt uitgekeken naar de partner die met een bloemetje komt aanzetten. Volgens onderzoek leidt dat in veel gevallen tot een jaarlijks terugkerende teleurstelling met minder romantische gevolgen. Om dit te voorkomen heeft het Bloemenbureau Holland een heuse Valentijn Helpdesk opgezet. Wie wil kan daar zijn favoriete boeket uitkiezen en zijn partner opgeven. Die partner (lees: man) krijgt vervolgens een melding van de helpdesk waarin hij geattendeerd wordt op de bloemenvoorkeur van zijn geliefde en de datum 14 februari. Als deze overduidelijke hint nog geen boeket oplevert, dan is het op bloemengebied waarschijnlijk een verloren zaak binnen de relatie.

Bekijk de Valentijn Helpdesk.

Loodvreters

Rode sprinkhanen met parasitaire schimmel Metarhizium anisopliae. Bron: Wikimedia. Foto: C. Kooyman. Public Domain.
Sprinkhanen bedekt met de groene loodvretende schimmel. 

Parasitaire schimmels die leven ten koste van planten of dieren hebben ieder hun eigen dieet. De meeste parasitaire schimmels zijn nogal kieskeurig en beperken zich tot één of enkele soorten. Ze zijn dan ook heel geschikt om gericht in te zetten bij biologische bestrijding. Zo bestaat er een varieteit van de schimmelsoort Metarhizium anisopliae die sprinkhanen aantast en doodt. Sprinkhanen kunnen in Afrika veel schade aan landbouwgewassen veroorzaken en de hele oogst opvreten.
Onlangs is van deze en een andere bodemschimmel die insecten parasiteert, ontdekt dat ze meer op het menu hebben staan dan alleen sprinkhaan of kever. Ze zijn namelijk in staat om lood in de bodem om te zetten in chloropyromorfiet. Deze stof is veel minder schadelijk voor het milieu dan het giftige lood. Wetenschappers denken dat de schimmels in de toekomst ingezet kunnen worden om met lood verontreinigde bodems schoon te maken. Hopelijk krijgen de schimmels dan wel een insectentoetje, want zo’n loodmaaltijd ligt behoorlijk zwaar op de maag.

Lees meer over deze lood- en sprinkhaanvreters >>

De koninklijke heg

Buxushagen bij Het Loo. Bron: Wikimedia Commons. Auteur: Pingu 1963, CCby .
De bedreigde buxushagen in de paleistuin van Het Loo

Je kent ze wel, die strak gesnoeide struiken in paleistuinen. Engeland en Frankrijk zijn goed voorzien, maar de tuin van Paleis Het Loo doet het ook niet slecht met een buxushaag van in totaal 27 kilometer lengte. Helaas zijn het zware tijden voor de koninklijke heggetjes. Al enige tijd worden de planten belaagd door een schimmel (Cylindrocladium buxicola), die donkerbruine vlekken veroorzaakt op de bladeren en stengels van de keurige struikjes.

Tot overmaat van ramp rukt sinds kort ook nog de buxusmot op. De rupsen van deze uit Azië afkomstige mot veroorzaken vraatschade. Verder ontsieren ze de planten met spinseldraden en rupsenpoep. Tot nu toe is de buxusmot slechts op enkele plekken in ons land gesignaleerd, maar de vrees bestaat dat hij zich verder zal gaan uitbreiden.

Bekijk een filmpje over de buxushaag in de paleistuin van Het Loo.
Lees meer over de buxusmot (Glyphodes perspectalis).