iepenziekte-bestrijding

Algemeen Belang Symptomen Biologie Ziektecyclus Bestrijding Referenties

Cultuurmaatregelen

Om verspreiding van de ziekte via wortelcontact tegen te gaan is het nodig om bij bomen die dicht bij elkaar staan het wortelcontact te breken met behulp van graaf/zaagmachines. Vooral bij iepen die als laanbomen aangeplant zijn is wortelcontact een belangrijke ziektebron. Er bestaat in zo ’n geval wel het gevaar van het per ongeluk doorzagen van elektriciteitskabels. Overige cultuurmaatregelen zijn beperkt tot het zo snel mogelijk verwijderen van zieke bomen. Omdat dood hout als infectiebron kan dienen moet het dode hout zorgvuldig worden verwijderd: de bast moet worden verwijderd van het hout, of het hout moet worden versnipperd of verbrand, zodat iepenspintkevers er niet meer in kunnen leven. Zorgvuldig en regelmatig alle iepen bekijken is belangrijk, ook in privé-tuinen. Gemeenten kunnen de verwijdering van zieke bomen verzorgen of een persoon dwingen de iep op te ruimen. Opslaan van dood iepenhout, bijvoorbeeld als openhaardhout, moet worden vermeden. Deze maatregelen kunnen de verspreiding van de iepziekte niet tegen gaan, maar wel vertragen.

Chemische en biologische bestrijding

Soms wordt geprobeerd om met insecticiden de iepenspintkever te bestrijden. De winter, wanneer de kevers in rust zijn, is de beste periode hiervoor. Deze aanpak is echter alleen succesvol wanneer alle bomen in een gebied worden behandeld. Het injecteren van de boom met fungiciden om een geïnfecteerde boom te genezen of een gezonde boom tegen infectie te beschermen is wel mogelijk. De methode is echter niet in alle gevallen effectief (i.h.a. geldt: hoe eerder hoe beter) en erg duur, vanwege de specialistische injecteermethode. Chemische en biologische bestrijding is daarom alleen rendabel bij monumentale exemplaren van de iep met een speciale historische of esthetische waarde.

Vaccinatie

Een alternatief is het preventief injecteren van – gek genoeg – sporen van de schimmel Verticillium albo-atrum in de boom. Dit zorgt voor het op gang brengen van de natuurlijke afweerreactie van gezonde iepen.  De vaccinatie moet wel elk jaar herhaald worden. Ieder voorjaar worden zo’n 30.000 iepen in Nederland gevaccineerd om ze te beschermen tegen iepenziekte.  Dankzij deze behandeling is het aantal ziektegevallen bij behandelde bomen in Nederland sterk gedaald.

Resistentieveredeling

Resistentieveredeling bij bomen is een langdurige zaak, maar wel mogelijk. Door kruising met resistente Chinese, Japanse en Siberische iepensoorten kan resistentie ingekruist worden. Deze resistentie wordt kunstmatig getoetst aan jonge planten waarna de meestbelovende verder in het veld getoetst worden. Echter, resistentie van jonge planten betekent niet altijd automatisch ook dat volwassen planten ook resistent zijn. Iepen worden vaak pas als volwassen beschouwd als ze 60 jaar oud zijn. De uiteindelijke resultaten laten dus nog op zich wachten. Een ander probleem is dat er nieuwe, agressiever isolaten komen, waartegen niet getoetst is. Er zijn momenteel rassen beschikbaar met goede resistentie tegen iepziekte.

Onderzoek

Er wordt veel onderzoek gedaan naar geschikte cultivars die klimaat bestendig zijn en ongevoelig voor de iepziekte. In de vorige eeuw was Johanna Westerdijk de eerste die uitgebreid onderzoek deed aan de iepziekte en aan de schimmel die de ziekte veroorzaakte. Als plantenziektekundig wetenschapper was zij de eerste vrouwelijke hoogleraar in Nederland.